IMG_4383.jpg

Samenwerking met COA

 

 

COA-bestuurslid Janet Helder verwoordde het zo: "Terugkijken, maar vooral vooruitkijken. Dat is voor iedereen belangrijk en zeker voor onze bewoners. Daarom werken wij samen met Stichting de Vrolijkheid. .. Door deze activiteiten kunnen bewoners even afstand nemen van hun situatie en hun dromen en talenten laten zien."

Asielzoekers hebben bij aankomst in Nederland recht op opvang vanaf het moment dat ze asiel aanvragen totdat ze een verblijfsvergunning hebben of Nederland moeten verlaten. Het COA vangt hen op in opvangcentra, biedt basisvoorzieningen en begeleidt hen naar hun toekomst in Nederland of daarbuiten. COA maakt het mogelijk dat de Vrolijkheid op de asielzoekerscentra werkt door daar ruimtes ter beschikking te stellen.

1 op 3 azc-bewoners jonger dan 18
Eén op de drie mensen op de vlucht die naar Nederland komt is jonger dan achttien jaar. Onderzoek toont aan dat leven en opgroeien in het niemandsland van azc's een serieuze bedreiging voor de psychosociale gezondheid van jonge azc-bewoners is. De (vaak lange en) onzekere asielprocedure en de vele verhuizingen zorgen voor een gevoel van onzekerheid bij deze jeugd die juist veel behoefte heeft aan stabiliteit, veiligheid en continuïteit. Het Internationale Verdrag voor de Rechten van het Kind bepaalt in artikel 22 dat aan elk kind dat de vluchtelingenstatus heeft of wenst te verkrijgen, speciale bescherming moet worden geboden en in artikel 39 dat jeugdige slachtoffers van oorlog, geweld, misbruik of uitbuiting recht hebben op goede, passende hulp. De asielopvang in Nederland respecteert volgens Werkgroep 'Kind in azc' de kinderrechten echter onvoldoende. Het zijn deze constateringen die de urgentie bepalen van de activiteiten van Stichting de Vrolijkheid. Het VN-kinderrechtenverdrag is onze leidraad.

Recht op zorgeloosheid
De Vrolijkheid vindt dat kinderen en jongeren er recht op hebben om zorgeloos op te groeien. Ook wanneer dat minder vanzelfsprekend is, óók voor kinderen en jongeren die buiten het beeld van de samenleving in Nederlandse asielzoekerscentra wonen. Vanuit het perspectief van de jeugd is een azc een plek met weinig kansen en mogelijkheden. Er is weinig te doen. Tussen kinderen onderling geldt vaak het recht van de sterkste. Een azc voelt onveilig, hard en saai. Er wordt veel volwassenheid verwacht, er is daardoor te weinig ruimte om gewoon kind te kunnen zijn. Wie opgroeit in het azc wordt bovendien vooral gezien als 'vluchtelingenkind': identiteit wordt veelal gereduceerd tot het zijn van vluchteling alleen. Dat deprimeert en beschadigt de ontwikkeling. Want vluchteling-zijn is een situatie, níet wie je bent. Bij de Vrolijkheid noemen we bewoners van azc's daarom geen 'vluchteling' of 'nieuwkomer'. De Vrolijkheid vindt dat kinderen en jongeren die in azc's wonen moeten worden gezien voor wie zij zijn. Wij zien veerkracht en talenten. Die inspireren ons. Maar we zien óók dat de levensomstandigheden in azc's een te grote aanslag doen op die veerkracht. Kunst heeft het vermogen om veerkracht te versterken en talent te ontwikkelen. Kunst inspireert, ontstijgt tijd en ruimte en maakt ruimte voor verhalen. Het geeft je de vrijheid om de zo noodzakelijke positieve nieuwe ervaringen op te doen. Om (opnieuw) je leven vorm te geven en gelijkwaardig met elkaar in gesprek te zijn. Kunst nodigt uit om samen in verbinding iets moois te maken. 

Vrolijke ruimtes
COA stelt op de azc's ruimtes ter beschikking waarin de Vrolijkheid kan werken. Begin 2016 ondertekenden COA en De Vrolijkheid een landelijke intentieverklaring tot samenwerking. Het COA verklaart daarin het werk van de Vrolijkheid op azc's te waarderen en te ondersteunen, onder meer omdat het invulling geeft aan de naleving van Artikel 39 van het VN-kinderrechtenverdrag. De samenwerking is vaak goed. Een unitmanager van COA schreef ons onlangs nog dat "het werk wat jullie verrichten met alle vrijwilligers heel waardevol is!"